Javascript staat uit. Voor een optimale werking moet Javascript worden ingeschakeld.

SailingPegasus.nl - Zeilen met de Pegasus - Blogdetails
Datum: 24-06-2018    KaapverdiŽ - Sal, deel 2
 
Al voelen wij ons geen ‘echte’ toeristen, gaan we natuurlijk wel naar een aantal plekken toe die in de vele gidsen omschreven worden en proberen zoveel mogelijk gebruik te maken van het lokale vervoer.
Fred op het muurtje bij de kade van Palmeira
Santa Maria
Met het taxibusje naar Espargos (€ 0,50 per persoon) en vervolgens met het volgende busje naar Santa Maria (€ 1,00 per persoon). De busjes wachten totdat ze helemaal vol zitten voordat ze vertrekken. En dan bedoel ik ook echt vol. Op een zeker moment tel ik 21 personen in een Toyota busje……
Santa Maria ligt in het zuiden van het eiland en is het bekendste dorp op Sal met zijn kilometers lange zandstranden en de pier (dit stelt echt niet veel voor) waar vandaan bootjes vertrekken voor toeristen. Het mag dan een vissersdorpje heten, maar het toerisme levert de meeste bron van inkomsten. Op cultureel gebied hoef je hier niet veel te verwachten er bevinden zich voornamelijk hotels en appartementen complexen. Rondom dit stadje zijn vele resorts gevestigd en sommige toeristen verlaten deze nauwelijks. In het dorpje vindt je voornamelijk souvenirs winkeltjes, dat merk je doordat de eigenaren meer opdringerig zijn dan elders op het eiland. Verder tref je er kleine touroperators en supermarktjes aan. De meeste toeristen komen hier voor het strand en de hoge golven om te (kite) surfen. Aan het strand bevinden zich de nodige restaurantjes en bars die duidelijk op de toeristen gericht zijn gezien de prijzen. Wanneer je de moeite neemt om een beetje door het dorpje heen te wandelen, kom je vanzelf de kleinere lokale tentjes tegen. Het is nu ‘low-season’ wat betekent dat het vrij rustig is met toeristen.
 
Buracona
Is een plaatsje ten noorden van Palmeira en alleen bereikbaar lopend of met een taxi. Op goed geluk wandelen we naar de ‘hoofdweg’ in Palmeira om te kijken of er een taxi beschikbaar is. We hebben geluk, voor € 15,00 (wat eigenlijk wel wat veel is) nemen we een taxi die ons heen en terug brengt. De man heet Paulo en woont in Palmeira en geeft ons zijn mobiele nummer.
We gaan naar het beroemde ‘Blauwe Oog’ toe van het eiland. Hier is ook een restaurant en souvenirs winkel gevestigd. Officieel kost de toegang € 3,00 per persoon, maar toen wij er waren zagen we niemand die dit inde. Wel lopen er een aantal gidsen rond die je tekst en uitleg geven en worden er door (voor namelijk Gambianen en Senegalezen) maskers en andere souvenirs verkocht. Er zijn houten vlonders aangelegd die je leiden naar de uit rotsen bestaande kust waar de hoge golven tegen aan beuken. Hier bevindt zich een grot waaronder het zeewater stroomt. Bij het juiste licht, wanneer de zon hoog genoeg staat en naar binnen schijnt in de grot, kleurt het water helder blauw. Jammer genoeg waren we net iets te laat, waardoor we slechts een smal strookje licht zagen. Er is een houten gebouw waar je uitzicht over de zee hebt en tussen de rotsen zicht op een natuurlijk zwembad. Nu zijn de golven erg hoog en is het gevaarlijk om daar te zwemmen. Het uitzicht over zee met de woeste golven blijft ons fascineren, maar dat is natuurlijk logisch voor ons als zeilers. De gids laat de aangelegde tuin zien waar alle eilanden van Kaapverdië uitgebeeld worden en verteld dat hij van een ander eiland komt om hier meer te kunnen verdienen in de toeristenbranche. Paulo wacht geduldig totdat we uitgekeken zijn. Op de terugweg zie ik een moeder met 3 kinderen een hand op steken. Ze hoopt dat de taxi haar mee kan nemen. Natuurlijk vinden wij dit geen probleem en even later zit Fred achterin met vrouw en 3 kinderen. Ze is dankbaar dat ze niet het hele eind hoeft te lopen en ach, wij gaan toch die kant op.
 
Shark Bay
Samen met Angela en Franz gaan we naar de ‘Shark Bay’ aan de oostkant van het eiland. Eerst met het busje naar Espargos en dan met een taxi verder. De rit kost ons € 20,00 retour, wat best aan de prijs is, maar afdingen lukt niet. De reden hiervoor is dat zij een gedeelte ‘offroad ’ moeten rijden wat een aanslag is op de taxi. Op de weg hier naar toe zien we HET scheepswrak van het eiland liggen, tenminste wat er van over is.
In de ‘Shark Bay’  bevinden zich de zogenaamde ‘Citroen haaien’ die zich heel dichtbij de kust wagen in het ondiepe water. Je kunt hier 'wandelen’ tussen de haaien. Ook dit is een typische toeristische attractie geworden. Het staat er vol met auto’s van touroperators en gidsen die waterschoenen verhuren, die wij niet nodig hebben omdat we onze eigen mee genomen hebben. Je moet een flink stuk wandelen over glibberige rotsen, door poelen van water, voordat je in kniehoogte water staat om vervolgens een kleine kans te krijgen om een paar van deze haaien te zien. Maar we hebben geluk, althans als je dat zo kunt noemen, op zeker 200 meter afstand zien we 3 vinnen boven water uitkomen die een paar rondjes zwemmen om vervolgens weer richting zee te zwemmen. Nu had ik zo gehoopt om ze van dichtbij te kunnen waarnemen, maar dat zit er vandaag niet in. Toch bekruipt mij het gevoel van de film ‘Jaws’, vooral de muziek intro van deze film.
Ter info:
Citroenhaaien eten weekdieren, schaaldieren en beenvissen. De haai blijkt voor de mens doorgaans niet gevaarlijk, als hij mensen aanvalt is er sprake van uitlokking.
  Je moet wel heel goed kijken om de haai te ontdekken

Ontmoetingen
Dan ligt daar ineens een bekende Nederlandse boot in de baai voor anker, de Lucipara 2, met aan boord Ivar en Floris. Zij zijn op wereldreis op zoek naar duurzame oplossingen voor klimaatproblemen, ‘Sailors for Sustainability’. Zie voor verdere informatie: sailorsforsustainability.nl en https://web.facebook.com/sailorsforsustainability/
De dagen die volgen hebben we een gezellig contact met de jongens en wisselen tips en ideeën uit tijdens het drinken van een borrel en uit eten gaan. We wensen ze heel veel succes en wellicht zien we ze nog wel een keer ergens in wereld.
 
Uit eten met Ivar en Floris
 
Eén van de jongetjes bij de kade die voor het eerst op onze dinghy wilde letten, is nogal vasthoudend, maar op een leuke manier. Hij heeft nu wel door dat we het niet nodig vinden, maar elke keer als we hem tegenkomen in het dorp (waar dan ook) roept hij met een grote smile op zijn gezicht “Moi Regardez le dinghy”.
Ook bij de de bakker beginnen ze ons langzamerhand te kennen, want het meisje achter de toonbank weet al precies wat we willen hebben.

Het pleintje bij de 'Panaderia
 
We eten regelmatig bij Angela en Franz een visje van de BBQ. Franz vangt deze met een harpoen en daar kan geen hengel tegen op.
Fred en Franz aan de afwas
FRITZ en Gonny
Onze mascotte FRITZ eindelijk weer eens op de foto, samen met Gonny het eendje van mijn kleindochter Bobby.
Eten, uitgaansleven en lokale vissers
Met vaste regelmaat doen we een kopje koffie of een wijntje bij de bar ‘Arminda’ en daar worden we al een beetje door de locals geaccepteerd. De eigenaresse ‘Arminda’ en één van haar medewerksters Olivia (in de deur opening) zijn erg vriendelijk en proberen ons een beetje Portugees/Creools te leren. Carlos (rode poloshirt), de Duitser die hier al lang woont, zit dagelijks aan een vast tafeltje bij deze bar en verteld ons vele verhalen. Het is wel een bijzonder typje, maar na hem een poosje te hebben aangehoord nemen we zijn verhalen maar met een ‘korreltje zout’.
Op zondag avond is het een gezellig boel op straat en in de open disco. Er lopen dan ook een aantal, laten we zeggen, wat zonderlinge figuren rond (dansend) in het dorp. Eén daarvan heeft op een avond iets teveel gedronken en begint ons lastig te vallen. Volgens de lokale bevolking is hij ook wel een beetje ‘loco’. Fred moet hem op een gegeven moment op dringende wijze duidelijk maken dat we niet gediend zijn van zijn aanrakingen. Voor de rest is het een gezellige avond.
 
De dag voor ons vertrek naar het volgende eiland gaan we uit eten bij het restaurant ‘Rotterdam’. Omdat het druk is en we wat langer op ons eten moeten wachten, krijgen we van de eigenaar een voorgerechtje. Het ziet er erg vreemd uit, maar we proberen het natuurlijk wel. Het lijkt een soort kruising tussen een octopus en zeeslak. Ik probeer het maar vind het niet echt lekker.
We hebben eigenlijk geen idee wat nu de precieze  naam is. Dus als iemand ons wijzer kan maken?
 
Bij één van de lokale restaurantjes eet ik een keer ‘Murene’, die zacht en bijzonder lekker is met weinig tot geen graten. Bij de lokale vissers hadden we ze al gezien, maar vonden deze vissen er niet zo aantrekkelijk uitzien. Maar nadat ik het heb gegeten willen we het heel graag zelf een keertje klaarmaken en kopen op een ochtend een flinke Murene. Op de boot aangekomen probeer ik hem in stukken te snijden met één van onze super scherpe vimessen, maar dat lukt me van geen meter. Het vel is enorm hard en er zit een grote harde rug graat in. Dan maar in zijn geheel de pan in. De vis is inderdaad zacht van smaak, maar wat een hoop graten zitten er in, het is werkelijk een ramp om te eten. Hoe hebben ze dat in het restaurant voor elkaar gekregen?
Nu lees ik later het volgende: Murene is een subtropische soort paling die ruim anderhalve meter lang kan worden en veel te graterig is voor de gemiddelde viseter. Dat is de reden dat deze weinig tot nooit op het menu staat, al is het een extreem lekkere vis. Nu hoorde ik ook dat er soorten zijn met minder graten, maar hoe zie je het verschil? Murenen worden in Kaapverdië door speervissers geschoten, die duiken met slechts een duikbril en zwemvliezen gewapend met een harpoen.
 
 Glibberige Murene
 
Maar soms genieten we ook gewoon van een over heerlijk broodje met oude kaas. Met dank aan Ingrid, de zus van Fred. Helaas zijn we nu echt door onze Hollandse kaas heen.
Elke dag komen er kleine vissers bootjes langs gevaren met een man of zes aan boord. Ze gooien hun net uit rondom onze boot en twee duiken het water in om de vissen op te jagen. Het is zwaar werk om de netten weer binnen te halen, vandaar dat deze mannen ook behoorlijke spierballen hebben. Dat geeft het kijken naar deze vissers ook een extra dimensie. Op een dag komt er één van de duikers met een enthousiaste kreet naar boven, hij heeft een hele grote inktvis gevangen. Ze staan te juichen in het bootje, want dit levert voor hun veel geld op.
Fileren van Papagaai vissen, het blijft een kunst
 
Kaapverdianen en Rotterdam
Er wonen inmiddels meer Kaapverdianen elders in de wereld dan op de eilanden zelf. Tijdens de jaren ’50 kwam een handjevol migranten van de Kaapverdische eilanden kort na elkaar aan in de Rotterdamse haven op de kade van Katendrecht, de zogenaamde kaap van Rotterdam. Zij markeren het begin van een nieuwe migratiestroom die de Rotterdamse havens zou aandoen en de havenstad zou omvormen tot een tiende eiland voor de Kaapverdiaanse gemeenschap. Er is een hechte gemeenschap in Charlois in Rotterdam. Muziek, Kaapverdianen en Rotterdam onlosmakelijk met elkaar verbonden. Er zijn vele optredens in de stad, meestal in de Doelen. Kaapverdianen hebben die zaal geadopteerd en deze speelt een grote historische rol voor de Kaapverdische muziek. Dat je buiten hun geboorteland ook gewoon naar een Pracinha d’Quêbrod kunt gaan, een ontmoetingsplein voor Kaapverdianen, zie je verder nergens in de wereld. Dat is uniek. Nederlandse Kaapverdianen zijn onlosmakelijk met Rotterdam verbonden.
 
Watermaker problemen
Het probleem van de watermaker kunnen we niet zelf oplossen en na overleg met de fabrikant (die in Italie gevestigd is) wordt besloten om de mainunit (High Pressure amplifier en Membraam) retour te sturen naar de fabriek. Dit heeft wel wat voeten in aarde, want dit is een duur onderdeel en we willen dit veilig verzenden. Allereerst gaan we naar de bouwmarkt Socol om hout te kopen om een kist te maken. Dit alleen al kost ons een halve dag omdat de man bij de bouwmarkt totaal niet begrijpt wat we nu willen. Hij begrijpt niet dat we geen hele plaat van 2x3 meter nodig hebben. Gelukkig vinden we een halve plaat, maar ook deze is nog te groot. Het is de man niet aan zijn verstand te brengen dat we deze plaat graag gezaagd willen hebben. Gelukkig is er één man die een beetje Engels begrijpt en aan hem kunnen we wel uitleggen wat de bedoeling is. Dan moeten we met alle, op maat gezaagde delen, terug wandelen naar de boot. Zucht, in deze warmte sjouwen met platen is niet mis. Gelukkig is Jay aan de kade en kan de grotere delen voor ons vervoeren met zijn bootje. We zijn vervolgens een ½ dag bezig om de kist te maken. Helaas is dit, door het hout, wel erg zwaar geworden. Nu de volgende fase, naar het postkantoor. De zware kist gaat in de dinghy naar de kade en dan is daar Sandro, de jongen die elke keer voor ons de aangekochte vis fileert, die ons helpt. Hij begrijpt dat we naar postkantoor willen en helpt ons met sjouwen van de kist. In het dorp gaat hij zijn oom halen, die ons met de auto naar de luchthaven brengt om de kist te verzenden. Daar aangekomen blijkt de balie voor transport pas over 2 dagen open te zijn…… Wat nu? Hier laten staan is geen optie, terug naar de boot ook niet, dan maar naar het gewone postkantoor toe in Espargos. De oom is zeer vriendelijk om ons ook nog daarheen te vervoeren. Bij het postkantoor aangekomen, staat er een enorme rij wachtende voor ons. Na een nummertje te hebben getrokken, wat totaal nergens opslaat want volgens worden de mensen hier random geholpen, is het wachten en wachten en wachten. Dan blijkt de kist zo zwaar te zijn dat het verzenden ons € 500,00 gaat kosten. Dit is echt te gek voor woorden en we besluiten om de onderdelen uit de kist te halen en in karton te verpakken. Dat scheelt een heleboel kilo’s en nu kost het ons slechts € 160,00 (of het niks is). We verlaten na bijna 3 uur het postkantoor met een papier waar het track en trace nummer op staat. Nu hopen dat het ook aankomt in Italie, op hoop van zegen dan maar! Wordt vervolgd.
En maar wachten en wachten...
Overige klusjes
Doordat we er ergens zoetwater lek hebben, moet o.a. de hele vloer van de salon open. We hebben onze salontafel altijd naar beneden en daaronder zijn extra vakken gemaakt om spullen op te bergen. Het vloerdeel hieronder hadden we nog nooit vervangen en is erg nat geworden waardoor het van ellende uit elkaar valt. Een deel van het hout wat we gekocht hebben gebruiken we om tijdelijk een nieuwe vloer te maken. Tijdelijk omdat dit hout niet waterbestendig is. We verven het om het zoveel mogelijk te beschermen. Allereerst moet het water weggepompt worden en vervolgens alles wat nat is geworden droog maken. De rollen keukenpapier konden we in ieder geval weg gooien. We hebben 3 watertanks aan boord met een totaal van 700 liter en we vermoeden dat het lek bij watertank 1 zit. Hiervoor koppelen we tank 1 los en nu is het afwachten of we gelijk hebben, want zolang we rustig voor anker liggen is dit niet te controleren. Ook dit wordt vervolgd.
De hele boot overhoop
We laten Jay 290 liter water brengen voor € 20,00. Dit wordt met een electrische pomp in onze tank gedaan.
Dan het zoutwater. Na heel veel ruimtes open gemaakt te hebben is onze conclusie dat er, doordat we zo schuin gingen, er waarschijnlijk via een aantal uitlaten water naar binnen gestroomd is. Deze slangen blijken halverwege losgekoppeld te zijn waardoor het water ‘lekker’ door de hele boot kon stromen. Foutje bedankt!  Slangen afgekoppeld en gaten afgesloten. Ook nu is het afwachten of dit voldoende is.
We hebben geprobeerd om een nieuwe lijn te kopen voor de Genua, maar dit is niet gelukt. In Espargos vonden we ook een ‘Socol’, maar ook hier konden we geen lijnen kopen. Wel een paar andere kleine dingen, zoals: harpjes, lampjes en glazen. Gelukkig was de “oude nieuwe” lijn dusdanig lang dat we het overige deel opnieuw kunnen gebruiken. Voor dit moment een goede tijdelijke oplossing.
Vlakbij de bouwmarkt ‘Socol’zit een bedrijf waar je drank, wc papier etc in bulk hoeveelheden kan kopen. Zo wandelen we terug naar de dinghy met een pak met 36 keukenrollen onder onze arm en nog paar andere dingen.
 
Volgend eiland: Boa Vista
We gaan weer verder, op naar het 2e eiland van Kaapverdië.

----------
 
 
24-06-2018, reactie van Ludmilla
Hallo lieve mensjes,
Wat een boeiend verhaal weer. Bij Murene denk ik altijd aan die enge, bijtgrage superpalingen... Brrr... Nooit geweten dat die eetbaar warwn.
Nou ja... Eetbaar.... Als je om de graten heen eet, begrijp ik. :)
Vanuit la douce France een dikke knuffel van ons. 😚
 ----------
     << Terug >>